Hoe is het om OP Urk te wonen?

Spread the love

Als ik buiten Urk kom (ja voor ons Urkers heb je Urk – en buiten Urk: alles daarom heen) en mensen vragen me waar ik vandaan kom, krijg ik altijd als vraag: ‘maar hoe is het dan om op Urk te wonen? Want het is óp Urk toch?’

Nou, dat zal ik jullie precies vertellen.

Urk was vroeger een eiland, daarom zei je altijd dat je op Urk woonde in plaats van ‘in’. Tegenwoordig is Urk allang geen eiland meer, en dus zeg je officieel geen op meer.

Het is heel leuk om in/op Urk te wonen, alleen is het totaal anders dan bijvoorbeeld in een grote stad als Lelystad of Amsterdam. Sowieso heeft elk gebied of streek wel zijn eigen dingen, maar Urk is als je het mij vraagt heel uniek qua dorp. Met ongeveer 20.000 inwoners zijn we ook niet bepaald meer een dorpje te noemen.

Wat ook vaak gevraagd wordt is of we kunnen worden vergeleken met Volendam. Ik denk het wel. Ze hebben dezelfde cultuur, leven ook onder andere van de visserij en hebben hun eigen dialect.

Wat is er nou zo leuk aan om op Urk te wonen?

Allereerst heb je hier echt nog een eigen cultuur. Tussen de middag eet iedereen warm, je hebt hier eigen verkeersregels en op zondag gaat bijna iedereen naar de kerk. We leven grotendeels van de visserij. Het is daarom heel gewoon dat de vrouwen doordeweeks de gezinnen draaiende houden terwijl de mannen de hele week aan boord zijn of in de vis werken en ’s avonds laat thuis komen (zo ook mijn man dus).

Zit je in de auto en moet je door een nauw straatje heen, dan kan het zomaar zijn dat er een auto stil staat om met iemand te praten. Er zit niets anders op dan rustig te wachten, want ook al druk je nog zo hard op je claxon, niemand maakt zich druk en maakt rustig het gesprek af, wat in het ergste geval minimaal een minuut of tien duurt. Het ‘Urker kwartiertje’ wil zeggen dat je het niet zo nauw neemt met de tijd. Als je in de bioscoop in Emmeloord zit en de film begint om 21:00, komt er om 21:10 nog een horde Urkers binnen.

Doordeweeks zie je bijna alleen maar vrouwen, het is heel gewoon dat die niet werken en voor de kinderen zorgen. Al moet ik dat zeggen dat dat de laatste jaren allemaal wel wat minder wordt. Mannen kom je overdag niet tegen; die zijn allemaal aan het werk. Ben je werkeloos, dan ligt dat aan jezelf, want hier is altijd werk. ’s Avonds hebben de vrouwen ‘krans’, dat wil zeggen dat ze met vriendinnen bij elkaar komen om gezellig het laatste nieuws door te nemen en even er tussenuit zijn. De oudere kinderen passen dan op de kleinere, of de mobiele telefoon gaat mee als babyfoon. Als er brand zou uitbreken zou de buurvrouw het al geblust hebben voordat je het überhaupt zelf in de gaten zou hebben.

Je hoeft niet raar op te kijken als je buurvrouw binnenkomt voor een praatje. Die komt gewoon door de achterdeur. Bij de meeste huizen doet de bel het niet eens.

Als je wat nodig hebt of iets wilt weten kom je gewoon achterom en roep je ‘Volluukk!’

We hebben hier het hoogste geboortecijfer van heel Nederland. En ja dat ligt deels aan het feit dat veel gezinnen streng gereformeerd zijn en niet aan anticonceptie doen. Zij zien het krijgen van kinderen als een geschenk van God. Dat is het zeker, alleen kunnen ze hiermee ook rekenen op een hoop kritiek van buitenaf. Het zal mij verder een zorg zijn, iedereen mag van mij zelf weten wat ze doen en niemand hoeft zich ook te bemoeien met elkaar. De vrouwen zijn dus doorgaans thuis en de mannen verdienen de kost. Beter kan je het niet hebben als je het mij vraagt. Van vergrijzing is bij ons dus ook zeker geen sprake; moge het niet zo zijn dat het plaatselijke verzorgingstehuis als een van de besten van Nederland bekend staat. Meisjes die na school gaan werken gaan doorgaans óf in de vis, of in de zorg werken.

Familie zie je dan ook bijna elke dag. Op zaterdag kun je bij de verzorgingshuizen amper parkeren want iedereen gaat bij bebe of bes (opa en oma) op bezoek. Als ze daar tenminste wonen, want zolang het kan worden vader of moeder door de kinderen verzorgd in eigen huis.

Dialect en gewoontes

Iedereen praat plat Urkers tegen elkaar. Of je nou in de supermarkt of bij de dokter komt, je praat gewoon Urkers en iedereen die dat niet doet is een ‘vreemde’. Wat overigens het woord is voor iedereen die hier niet vandaan komt. Iedereen weet hier ook alles van elkaar, zit je bij de dokter in de wachtkamer dan is het heel gewoon om elkaar te ondervragen over je kwaal. Als je net getrouwd bent en je moet voor je grote teen naar de dokter, ben je automatisch in blijde verwachting. Wat ze overigens na een maand of 3 ook echt verwachten van je anders gaan ze vragen stellen. Krijg je een ongeluk en breek je je been, dan ben je aan de andere kant van Urk hartstikke dood. Je hoeft je na het ongeluk geen zorgen te maken, want iedereen helpt een handje mee. Er wordt voor je gekookt, de was wordt gedaan en de kinderen naar school gebracht. 

Is er een baby geboren, wordt je overladen met biefstuk van de slager en komt iedereen in de kraamweek op kraamvisite. Het maakt ook niet uit of je bezoektijden op het geboortekaartje zet, iedereen vind zichzelf een uitzondering om op de gekste tijden binnen te komen vallen. Kraamzorg is hier ook een apart begrip, schrob je als kraamverzorgster niet het hele huis inclusief plafonds, dan hoef je niet te verwachten dat je daarna nog gebeld wordt.

Een Urker houd van gezelligheid en wat lekkers. Iedere zaterdag eten we verse gebakken vis, wat de vissermannen de dag ervoor hebben meegenomen van de kotter. Zaterdags zit iedereen voor de kost bij elkaar met een lekker speatjen (cola Beerenburg). Na de kost doet iedereen een knippien (slaapje). Een Urker is een gewoontedier, doe maar normaal dan doe je al gek genoeg. Op zaterdagavond gaat er een hele colonne Toyota’s (want, gezinsauto’s) een roendjen over de haven. Want trots op onze haven en het strand aan het IJsselmeer; dat zijn we. Zomers zitten de stranden afgeladen met mensen, koelboxen en strandstoeltjes.

Van heinde en ver komen er mensen om op Urk boodschappen te doen. De bakkerijen staan bekend om hun lekkere brood en taarten, en de snoepwinkels hebben een heuse noten-en delicatessenafdeling.

Urk en drugs

Als je Urk zegt, beginnen mensen vaak meteen over de drugsproblematiek. Want die is er zeker wel op Urk. Ik ben alleen van mening dat het overal net zo erg is, alleen doordat hier iedereen gelovig is wordt het extra groot uitgemeten. De meeste mannen zijn doordeweeks dus aan boord, en in het weekend leven ze zich uit. Recent zijn er ook een aantal criminele drugszaken geweest waardoor Urk heel erg door het slijk is gegaan. Een Urker houd niet van publiciteit, kom je hier filmen met een cameraploeg, dan hoef je geen warm welkom te verwachten. Urkers zijn op zichzelf en hebben hun eigen krant, het is jammer dat we soms zo slecht worden uitgemeten in de media. Kom je hier zomers als toerist, dan kun je bij wijze van zo aanschuiven voor een bordje eten. En heb je hulp nodig bij het aanmeren van je boot, staan er genoeg mensen klaar om te helpen.

Geloof

Op zondag gaat bijna iedereen naar de kerk. ’s Ochtends tussen 10-12 en ’s middags tussen 5-7 is er dan ook geen kip te bekennen in het dorp. Er is verder ook helemaal niks open op zondag, de bussen rijden ook niet. Veel Urkers zijn streng gereformeerd, en dus loopt bijna iedereen naar de kerk. Want, autorijden op zondag hoort niet. De vrouwen dragen bijna allemaal rokken (op zondag sowieso) en een hoedje naar de kerk. Veel mensen hebben ook geen televisie of openbaar internet.

Een aardige kloof als je ons vergelijkt met een gemiddelde stad of dorp in Nederland. Maar ons gezegde luidt:

Urk dat is een Soetendal, wie er is, die blijft er al!

Woon je dus eenmaal hier, dan is de kans erg klein dat je ooit ergens anders gaat wonen..

(dit artikel is met een kleine korrel zout geschreven)

You may also like

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.